In de Haarlemmermeer werken inmiddels meer mensen dan er wonen. De werkgelegenheidsrapportage die de gemeente eind maart naar buiten bracht telde 167.121 banen tegenover 166.693 inwoners, een verhouding van 100,3 procent. Voor het eerst kantelt die balans, en dat zegt iets over het soort gemeente dat de Haarlemmermeer is geworden. Wie hier woont deelt de polder met tienduizenden mensen die er alleen overdag zijn.

Een flink deel van die banen komt van buiten. Internationale bedrijven zijn goed voor zo'n 35.500 arbeidsplaatsen in de gemeente. Dat aantal daalde het afgelopen jaar licht, omdat een groot Europees hoofdkantoor vertrok, maar de onderliggende beweging is niet veranderd. Bedrijven uit Azië, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk zetten hun Europese voet nog steeds het liefst neer op een halfuur rijden van een intercontinentale luchthaven.

Waarom buitenlandse bedrijven hier landen

De aantrekkingskracht van het luchthavengebied is zelden romantisch. Het gaat om reistijd, om een goede aansluiting op de A4 en de A5, om treinverbindingen richting Amsterdam en Den Haag, en om de vanzelfsprekendheid waarmee je hier een Engelstalig team bij elkaar krijgt. Een Amerikaanse softwareleverancier die zijn Europese klanten wil bezoeken, boekt liever een vlucht vanaf een luchthaven die hij vanuit zijn kantoor kan zien liggen dan vanaf een station drie overstappen verderop.

Wat er de laatste jaren wel is veranderd, is de omvang van de stap. Waar een internationaal bedrijf vroeger begon met een tienjarig huurcontract en een verdieping vol lege bureaus, begint het nu met twee mensen, een adres en de afspraak dat het volgend jaar groter of kleiner mag. Een landingsplaats in Nederland is geen investering meer, maar een proefopstelling.

De vraag verschuift naar kleiner en flexibeler

Die verschuiving zie je terug in de cijfers van de kantorenmarkt. De NVM constateerde eind maart een groeiende tweedeling. Organisaties zijn kritischer geworden op grotere metrages door hybride werken, terwijl er volgens de makelaarsvereniging “vooral een tekort aan kleinere, duurzame en hoogwaardige kantoorunits op goed bereikbare locaties” bestaat. Kantoren op toplocaties functioneren steeds vaker als HR-instrument, en werkgevers blijken bereid daar meer huur voor te betalen.


Het gevolg is een markt die zichzelf omdraait. Vierkante meters waren jarenlang een statussymbool en zijn nu vooral een risico dat je zo kort mogelijk wilt dragen. Voor de Haarlemmermeer pakt dat gunstig uit, omdat de gemeente veel kantoorgebouwen heeft die zich goed laten opdelen in kleinere, volledig ingerichte eenheden.

Nieuw aanbod aan de Boeingavenue

Een concreet voorbeeld van die beweging staat aan de Boeingavenue 1-19, waar sinds kort het kantoor van MyOffice bij Amsterdam Airport open is. Het gaat om 4.600 vierkante meter kantoorruimte, verdeeld over flexplekken, vergaderruimtes en volledig ingerichte kantoren waar huurders 24 uur per dag terechtkunnen. Er is een brasserie in het pand, de grootste vergaderruimte gaat tot vijfenzeventig personen en een flexplek begint bij 9,95 euro per dagdeel. Parkeren kan voor de deur, iets wat in Amsterdam allang geen argument meer is omdat het er simpelweg niet meer bestaat.

Dat laatste is precies de positionering. De locatie afficheert zichzelf als het rustiger alternatief voor de drukte van Amsterdam Zuid, met dezelfde bereikbaarheid per auto en openbaar vervoer maar zonder de zoektocht naar een parkeerplek. Voor een buitenlandse ondernemer die twee dagen per maand in Nederland is, weegt dat zwaarder dan het uitzicht.

Wat de gemeente eraan overhoudt

De vestiging aan de Boeingavenue is de twaalfde van MyOffice en staat onder leiding van Business Centre Manager Belizia Shaw. Op werkdagen is het pand open van 8.30 tot 17.00 uur, al werken huurders met een eigen kantoor buiten die uren gewoon door. Het is een type aanbod dat je tien jaar geleden vooral in de binnenstad vond en dat nu naar de polder verhuist, achter de bedrijven aan.

Voor de Haarlemmermeer betekent dat een economie die minder afhankelijk wordt van een handvol grote hoofdkantoren en meer draait op tientallen kleine vestigingen die komen en gaan. Dat is kwetsbaarder dan het klinkt, want een bedrijf dat binnen een maand kan vertrekken doet dat ook. Maar het vertrek van een groot Europees hoofdkantoor kostte de gemeente dit jaar meer banen dan tien kleine huurders bij elkaar ooit zouden doen. Spreiding heeft ook zijn voordelen.

De vraag voor de komende jaren is niet of internationale bedrijven de omgeving van de luchthaven blijven vinden. Die vraag is of de gemeente genoeg woningen, scholen en verbindingen kan bijbouwen voor de mensen die er werken. Zolang de banen de inwoners blijven overtreffen, wordt dat het echte gesprek in de gemeenteraad.